Tabbladen

donderdag 9 juli 2009

Joh. Enschede, Coster en Roman

Typografie heeft al geruime tijd mijn belangstelling. Nadat ik in de afgelopen jaren diverse malen het boek in handen had: “De lettergieterij van Joh.Enschedé en Zonen. Gedenkschrift ter gelegenheid van haar honderdvijftig-jarig bestaan op 9 maart 1893” (Haarlem, Joh. Enschedé. 1893), besloot ik pas afgelopen week om het te kopen bij het Haarlemse antiquariaat (vh)Hovingh. Het is een fraaie uitgave die destijds ‘niet in den handel’ uitkwam maar aan werknemers en relaties werd geschonken (en vrijwel zonder de regelmatig voorkomende ‘foxing’ van tekst en platen). Het boek wordt op internet door diverse antiquariaten aangeboden en als zeldzaam betiteld maar dat valt dus wel mee.


Overigens ben ik nu de gelukkige eigenaar van een bijzonder presentexemplaar (nr. 387) op naam van Jhr. B.W.F. van Riemsdijk (1850-1942), die vanaf 1897 algemeen-directeur was van het Rijksmuseum in Amsterdam. Verscholen in het boek trof ik een kladbriefje van hem aan gedateerd “Nieuwer-Amstel, maart 1893” waarin hij de firma bedankt voor de toezending van dit exemplaar. “De schoone uitvoering en de wetenschappelijke behandeling van het onderwerp maken het tot een blijvend monument getuigende van het streven der lange reeks voorouders hetwelk door het thans levende geslacht op zoo waardige wijze wordt voortgezet”. Dat soort efemera geeft, ik schreef het al eerder, zo’n boek toch weer iets extra’s. De jubileumuitgave is rijk voorzien van illustraties waaronder een afbeelding van het interieur van de befaamde lettergieterij van Joh. Enschede. Daarnaast zijn diverse portretten opgenomen van de familie Enschede maar ook bijvoorbeeld van de beroemde Joan Michael Fleischman (1701-1768) ‘konstig letter-stempel Snyder’ en van Laurens Janszoon Coster, die lange tijd (en zeker toen nog) gold als de uitvinder van de boekdrukkunst. Costers afbeelding, “een reproductie van de oorspronkelijk (zeer gesleten) houtgravure” zo lees ik, werd als huldeblijk al eerder door Enschede opgenomen in diens “Proef van letteren, welke gegoten worden in de Nieuwe Letter-Gietery van Izaak en Joh. Enschede te Haerlem. Vermeerderd en verbeterd tot ’t jaar 1744”.
De gravure – zo staat er - is oorspronkelijk een houtsnede die al voor 1641 zou zijn gemaakt door de Haarlemse boekdrukker ‘Andries Rooman’ naar het origineel van Pieter Saenredam met als onderschrift:
De Boek-Drukkonst, drie eeuwen oud, door Koster voortgeteeld
Uit Beukeschors in ’t Haerlems Hout, aanschouwd haars Vaders Beeld
Op dit Papier en roept verblyd: Dit mannelyk Gelaat
Zy aan de Onsterfelykheid gewyd zo lang de Waereld staat!


Inderdaad vond ik deze prent van Coster terug (zie afbeelding), gesigneerd en gedateerd “Adrianus Romanus Tipographus Ao. MDCXXX” (1630) en wel op blz. 160 van mijn exemplaar van Jan Reygersbergh boek “De Oude chronijcke ende historiën van Zeelandt. Beschreven door wijlen de heer Jan Reygersbergh van Cortgene: Van Nieus met eenighe Byvoechsels/mitsgaders met de figueren der Graeven van Zeelandt vermeerdert”.

Bij de afbeelding wordt de bekende legende van Coster verteld die in het Haarlemse bos (op de afbeelding rechts, met op de achtergrond de stad Haarlem) uit de bast van bomen de eerste losse letters zou hebben gesneden (Coster houdt de letter A in zijn linkerhand vast). De bron van dit verhaal - zo staat erbij - is het boek van de bekende historicus Petrus Scriverius (1576-1660) “Laure-crans voor Laurens Coster van Haerlem” (Haarlem, 1628), dat uitgegeven werd door Adriaen Roman die in dit boek een portret van Coster opnam.


Het boek van Reygersbergh vermeldt op de titelpagina dat het verkrijgbaar was te Middelburg bij Zacharias Roman “Boeck-verkooper op den Burcht/inden vergulden Bybel”. Ongetwijfeld familie van… want in het boek, helemaal achteraan op de laatste bladzijde staat een fraai drukkersvignet met eronder: "Ghedruckt tot Haerlem, by Adriaen Roman Ordinaris Stads-Boeckdrucker / inde vergulde Parsze. Anno 1634”.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten