woensdag 17 augustus 2016

Een boekenmarkt met erotische verrassingen


Ik ben geen verzamelaar van erotica pur sang maar dat neemt niet weg dat ik op dat gebied af en toe iets interessant vind dat ik graag aan mijn bibliotheek toevoeg.
Ditmaal sloeg ik toe op de laatste boekenmarkt van het jaar georganiseerd door ‘De Kan’ langs de Amstel; een plek die mij qua ambiance meer kan bekoren dan de drukke Dam.
Het thema van de markt was ditmaal ‘Erotiek’.
Wie denkt dat de kramen dus volgestapeld lagen met oude en nieuwe boeken uit dit genre heeft het mis. Enkele handelaren hadden niets en bij weer anderen trof ik wat achteraf een bescheiden stapeltje aan dat er soms met moeite tegenaan hikte.

Pas bij de kraam van antiquariaat Nonpareil uit Hoevelaken kreeg ik rode oortjes!
Daar lag niet alleen een ruime collectie moderne uitgaven op dat gebied maar bovendien diverse interessante exemplaren vroege of oude erotica.
Ik kon maar moeilijk kiezen uit al dat lekkers uitgestald op één tafel (en dat komt niet vaak voor!). Uiteindelijk kocht ik vier objecten en betaalde daarvoor een bescheiden zeventig euro. Eén uitgave (en zeker niet de minste!) valt buiten het thema ‘Erotiek’ en laat ik hier onbesproken. De andere drie kocht ik om verschillende redenen.


De modernste uitgave is van Marieke van Doorninck en Margot Jongedijk; “In het leven. Vier eeuwen prostitutie in Nederland” (Dieren, 1997). Een vlot leesbaar geïllustreerd boekje dat alweer bijna twintig jaar geleden verscheen bij de gelijknamige tentoonstelling in Apeldoorn.
Het wordt op Boekwinkeltjes overvloedig aangeboden maar ik kocht het vooral omdat ik al bladerend twee afbeeldingen ontdekte van objecten die ook in mijn collectie zitten.
Zoiets vat ik als bibliofiel verzamelaar toch op als een compliment en bevestiging!


Het gaat om een afbeelding (op blz. 18) van de titelprent uit: “Licht in Nacht. Van den arbeid in duister Amsterdam” (Amsterdam, 1917) waarover ik hier schreef en om een afbeelding van de befaamde ansichtkaart van het luxueuze Amsterdamse bordeel Maison Weinthal uit 1902 (blz. 45), waarover meer hier.


Mijn tweede aanwinst is eigenlijk geen boekje maar een kartonnen envelope met een losbladig uitgegeven catalogus “Erotica & Curiosa” van antiquariaat Van Sabben (Haarlem, 1986).
Het is een gelimiteerde geïllustreerde uitgave (ik kocht nummer 51 van de 175) die destijds dertig gulden kostte.
Op bladzijde 41 (van de 47) staan de richt-/startprijzen van de 145 kavelsnummers en de oorspronkelijke eigenaar heeft met potlood de nummers aangestreept die destijds werden verkocht. Dat waren er slechts 26!
Géén van de topstukken haalde de startprijs, waaronder het erotisch oeuvre in drie delen van Guillaume Apollinaire (1880-1918): “Oeuvres érotiques completes” (Barcelonnette [Paris], [Marcel Lubineau], 1934). Startprijs ƒ 2100,- gulden!
Ter vergelijking; deze set vond ik thans aangeboden voor € 300,- euro!
Een goede les dat niet alle (oude) boeken (en verzamelgenres) in prijs stijgen!


Het was overigens de catalogus zelf die mij verraste want ik ken maar één ander voorbeeld. Het gaat om veilingcatalogus (161): “l Erotica Rarissima” (Utrecht, 1980) van J.L. Beijers. Ook die werd genummerd en gelimiteerd uitgegeven en is een collectorsitem op zich geworden.


De grootste erotische verrassing, mijn derde aanwinst, heb ik voor u tot het laatst bewaard!
Het is in een in donker marokijn leer gebonden uitgave van: “Le Parnasse libertin: ou Recueil de poesies libres” met een fictief uitgeversadres ‘A Cythere [Parijs], Chez le Dru, à l'enseigne de Priape' (1775).
Het gaat om een exemplaar van de derde druk van deze erotische verzamelbundel die eerder verscheen in 1769 en 1772. Naast tal van anonieme versjes, rijmen en epigrammen bevat het ook stukjes van bekende schrijvers zoals Voltaire 1694-1778),
De la Fontaine (1621-1695) en Rousseau (1712-1778). 
U kunt er hier zelf even in bladeren en genieten.


Zeldzaam?
Over het algemeen is alle achttiende eeuwse erotica schaars. Deze uitgave vond ik in geen enkele Nederlandse bibliotheek terug.
Antiquarisch wordt momenteel een exemplaar aangeboden van de editie van 1772 voor honderdtachtig euro (in ‘modern wrappers’).

Doorslaggevend bij mijn beslissing om het boekje te kopen was de provenance!
Voorin zit namelijk het ex-libris van de Amsterdamse huisarts Bob Luza (1893-1980).
Luza was een bekend bibliofiel verzamelaar en Piet Buijnsters heeft hem geportreteerd, zowel in zijn: “Geschiedenis van het Nederlands antiquariaat” (Nijmegen, 2007) als in: “Geschiedenis van de Nederlandse bibliofilie” (Nijmegen, 2010).


Weliswaar verzamelde Luza meer dan alleen erotica maar hij is bij mij vooral als collectioneur van dergelijke ‘libertijnse boekjes’ in het geheugen blijven hangen.
Zijn collectie werd een jaar na zijn overlijden grotendeels geveild bij A.L. van Gendt.
De eigenaar van antiquariaat Nonpareil was toen één van de bieders. Inmiddels zijn we weer vijfendertig jaar verder en is Perkamentus (voor even) de laatste schakel in de keten…
De bibliofiele kringloop in optima forma!

zaterdag 6 augustus 2016

Blij met bibliobijbel

Elke bibliofiel heeft wel wat naslagwerken in huis.
Ik haal voor het schrijven van mijn stukjes veel informatie van internet maar ervaar nog elke dag hoe makkelijk het is om over een aantal standaardwerken te beschikken.
Mijn voorlaatste aanschaf op dat gebied was Saalmink waarover ik hier schreef.
Al bladerend brengen ze me soms op ideeën voor een volgende boekenjacht (of blogpost), zoals mijn oude Bodel Nijenhuis eens deed en waarover u hier kunt lezen.

Een bibliofiel verzamelaar zonder naslagwerken is een contradictio in terminis.
Ze zijn niet alleen leuk om in te bladeren maar verschaffen veel informatie en de opgedane kennis komt altijd van pas bij het kopen (of verkopen) van weer nieuwe oude boeken.


Afgelopen woensdag arriveerde hier een ‘pakketje’ van zes kilo uit Engeland.
Het gaat om M.F. Suarez, S.J. (directeur van Rare Book School) & H.R. Woudhuysen; “The Oxford Companion to the Book” (New York, 2010).
Al sinds de verschijning van de ‘OCB’ zit ik erop te azen. Het boek werd destijds in het boekenwereldje goed ontvangen door de pers en er verschenen diverse lezenswaardige book reviews, zoals hier en hier.
Nu – enkele jaren later - de financiële middelen mij het toelieten en het boek bovendien ook tweedehands verkrijgbaar is werd het tijd op zoek te gaan naar een fraai exemplaar voor mijn eigen bibliotheek.

Deze uitgave is - voor zover ik weet - in Nederland via Bol.com te bestellen voor € 318,- euro (inclusief verzendkosten) of via Boekstra uit Vriezenveen voor € 265,10 (exclusief verzendkosten).
Ik weet inmiddels wel dat het loont om ook buiten Nederland te zoeken. Een aantal antiquarische boeken in mijn collectie (zoals bijvoorbeeld al mijn Schliemann uitgaven over Troje) komt dan ook van overzee.
Het kostte me weinig moeite om een mooie set te vinden via Marelibri in Engeland bij Carmarthenshire Rare Books (Carmarthen, UK) waarvoor ik inclusief verzendkosten nog geen € 190,- euro betaalde.
Je moet wel over geduld beschikken. De boeken, verzonden met ‘priority airmail’, deden er precies drie weken over om in mijn bibliotheek te arriveren!

Zoals u kunt zien zijn het twee fraai gebonden delen in een cassette, totaal ruim 1400 bladzijden samengesteld door bijna vierhonderd wetenschappers (waaronder verschillende Nederlanders) uit zeven en twintig landen. Er is maar liefst vijftien jaar aan deze ‘bibliobijbel’ gewerkt. Need I say more?


Het eerste deel (442 blz.) bevat 51 essays over specifieke onderwerpen, zoals 'Missionary Printing' en 'Children Books' en over de geschiedenis van het boek in een bepaald land of gebied ('...in the Muslim World'). Eén van de associate editors, Paul Hoftijzer (bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van het Nederlandse boek in de vroegmoderne tijd vanwege de Dr. P.A. Tiele-Stichting aan de Universiteit Leiden), schreef het hoofdstuk (23) over de geschiedenis van het boek in de lage landen.
Het tweede encyclopedisch gedeelte bevat 5160 lemma’s, waarvan de eerst gaat over de Leidse boekdrukker en –verkoper Pieter van der Aa (1659-1733).

Ik vond trouwens nog vele andere Nederlandse onderwerpen zoals bijvoorbeeld over de Haarlemse drukkersfamilie Elsevier, over Frederik Muller, de Zutphense Librije en over Laurens Janszoon Coster.
Miste ik nog wat?
Ach, er blijft altijd wel wat te wensen over, zelfs bij zo’n uitputtend naslagwerk als dit.
Een lemma over Menno Hertzberger (1897-1982) was aardig geweest. Hij was per slot van zaken toch een internationaal antiquaar van formaat en bovendien één van de founding fathers van de ILAB (de organisatie zelf wordt wel genoemd).
À propos ik miste ook een lemma over de bibliograaf en bibliothecaris dr. P.A. Tiele (1834-1889), ik noemde de stichting al eerder.

Een ander meer wezenlijk puntje zijn de illustraties. Uitbundig geïllustreerd kan ik de boeken niet noemen. Daar komt bij dat er geen enkele kleurenillustratie in zit.
Dat mag wat mij betreft een volgende keer wel wat uitbundiger en kleurrijker.
Desondanks blijft het natuurlijk een monumentaal gezaghebbend werk waar je heerlijk hap snap in kunt bladeren, lezen en leren. Een aanrader voor de ware bibliofiel!

vrijdag 29 juli 2016

De Z van... Zelfbevlekking


De “Gezondheids-bibliotheek van het geslachtsleven” bestaat uit diverse boekjes zonder illustraties in twee series van elk tien deeltjes. “De zelfbevlekking, haar oorzaken, uitwerking en gevolgen” is nummer zes uit de eerste serie.
Deze titel verscheen oorspronkelijk in het Frans in 1891.

Van deze serie vinden we er een paar terug in WorldCat, waaronder enkele geschreven door dr. Hayès, maar ‘De Zelfbewaring’ (dat enkele drukken beleefde) zit er niet bij.
De “Gezondheids-bibliotheek van het geslachtsleven” werd overigens al in 1892 (tot 1902) uitgegeven door A. van Klaveren (Amsterdam). Een uitgever die volgens het boek van Nop Maas: “Seks!... in de negentiende eeuw” (Nijmegen 2006) destijds meer van dergelijke dubieuze boekjes met een (pseudowetenschappelijk) seksueel tintje verkocht.


Mijn deeltje over ‘De Zelfbewaring’ is uitgegeven door de N.V. Gebr. Graauw’s Uitgevers-Maatschappij. Volgens informatie op de site: ‘Nederlandse bibliografie van Edgar Rice Burroughs’ (Tarzan!) ontstond deze N.V. in 1914 in ging ze in 1942 failliet.
De laatste (vijfde druk) van ‘De Zelfbewaring’ verscheen bij hen eind 1929 (‘Nieuwsblad voor den boekhandel’, jaargang 96).
Uit een krantenadvertentie in de Indische Courant van 1930 blijkt dat de twee series ook in zijn geheel werd aangeboden voor vijfentwintig gulden. Veel geld toen en daarom kon men desgewenst in tien maandelijkse termijnen betalen!


Het is opvallend hoe schimmig de auteurs zijn die over Zelfbewaring, Zelfbesmetting of - in dit geval - Zelfbevlekking schrijven.
Over dr. Hayès, is geen substantiële informatie te vinden en dat geldt eveneens voor twee andere medici(?) die in het tweede aanhangsel van het boekje figureren.
Ene dr. Jonathan Braun licht ons in over het onschadelijk maken der nadelige gevolgen van zelfbevlekking en dr. J.F. Albrecht heeft voor ons een speciaal dieet ter genezing.

Het eerste aanhangsel is trouwens van een nog bedenkelijker niveau want het gaat geheel over het “Nut van de geeseling in de genoegens van het huwelijk”!
Het is weliswaar anoniem en zonder bronvermelding opgenomen maar is vrij eenvoudig te identificeren als een gedeelte uit het boekje van de Duitse Joan. Henricus Meibomius (1590-1655): “De flagrorum usu in re veneria…” (Leiden, na 1639).
Daarvan verscheen in 1795 een Franse vertaling maar in het Nederlands is het bij mijn weten nimmer vertaald.

Dat onanie geen typische mannenhobby is blijkt ook uit dit boekje waarin uitgebreid wordt stilgestaan bij onanisten van het vrouwelijk geslacht.
Clitoridectomy, amputatie van de ‘kleine lippen’ en het uitsnijden van de eierstokken (!) wordt als oplossing voor de kwaal ontraden. In plaats daarvan is er een gezonde kuur voor de 'lijderessen' ter voorkoming van verder leed. Van harte aanbevolen!