maandag 20 februari 2012

Livres rares et curieux

Het vroor en was snijdend koud op het Waterlooplein toen ik de boekenstal van Jos Albers binnenliep. Een oude man, dik ingepakt, enigszins sjofel gekleed passeerde mij.
Geen twijfel mogelijk; Louis Putman! Putman leerde ik bijna dertig jaar geleden kennen. Onafscheidelijk van zijn strooien hoed, vlinderdasje en colbert zag ik hem vaak fietsen door Amsterdam.
Inmiddels is hij uitgefietst maar snuffelen bij boekenkramen doet hij kennelijk nog wel. U weet wel ‘old antiquarians never die, they just fade away’.

Binnen onder de toonbank stonden vier vuilniszakken. Niet door Putman gebracht maar wel afkomstig uit zijn antiquariaat (Rusland 29), waar bezoekers nooit verder kwamen dan het propperige winkelgedeelte en waar ik enorme voorraden zeldzaamheden vermoedde verborgen in oneindige opslagruimten erachter. Dat Putman opruimt was mij wel bekend. Geruime tijd geleden had Jos aangekondigd dat hij het een en ander verwachtte en toen ik niet lang daarna twee boekjes afhaalde bij antiquariaat Boek en Glas sprak ik er over met Conchita. Zij is alweer zes jaar bezig om orde te scheppen in Putman’s boekenwereld.

Samen met een paar andere aasgieren wierp ik me op de vuilniszakken. Dure of bijzondere boeken waren niet te verwachten. Putman stond staat vooral bekend om zijn gekke pamfletjes, bijzondere foldertjes en meer van dat soort efemere rariora.
Uit de derde zak viste ik een oude catalogus (nr. 396): “Livres rares et curieux. Catalogue de livres anciens en vente aux prix marqués chez Martinus Nijhoff, la Haye – Lange Voorhout 9.
Acht losse deeltjes, compleet met supplement, 377 pagina’s. Jos vroeg en kreeg er tweeënhalve euro voor. Het eerste deeltje was tweemaal met potlood geprijsd. Eerst aan de binnenzijde voor ƒ 75,- en later op de voorkant; ‘acht dln. compleet, ƒ 50,-‘.

Wat kost zo iets nu? Op internet vond ik na enig gezoek dezelfde catalogus bij een Duits antiquariaat. Helaas niet compleet (het laatste, 8ste deeltje met supplement ontbrak) voor dertig euro.

Het is de tweede, en oudste, catalogus in mijn collectie van dit befaamde antiquariaat. Er staat geen jaar van uitgave op maar dat zal rond 1915 zijn geweest.
Op de achterzijde van alle acht deeltjes staat het fraaie pand aan het Lange Voorhout in Den Haag, dat speciaal voor de firma werd gebouwd en in oktober 1910 werd betrokken.
Op de voorzijde staat nog niet het bekende uitgeversmerk met de spreuk: “Alles komt teregt” dat vanaf ongeveer 1920 op alle Nijhoff uitgaven is te vinden (zoals op mijn andere Nijhoffcatalogus uit 1932).
Over dat merk schreef Bert van Selm (1945-1991) overigens een leuk boekje: “Alles komt teregt”, dat in 1991 als Koppermaandag uitgave verscheen bij De Ammoniet in een oplage van 450 exemplaren.
Afgelopen week heb ik de acht deeltjes, inclusief de omslagen, laten inbinden. Dat maakt het bladeren en doorlezen een stuk gemakkelijker.
Heerlijk en tegelijkertijd frustrerend om te zien welke zeldzaamheden er toen nog te koop waren en voor welke (met hedendaagse ogen) belachelijk lage prijzen. Kleine troost; zelfs al zou je over ruime financiële middelen beschikken dan nog is het merendeel van de aangeboden 'livres rares et curieux' nu niet meer te koop.

Eén van de ‘highlights’ is ongetwijfeld nummer 224. “Bartholomaeus Engelsman: Boeck van den Proprieteyten der Dinghen” (Haarlem, 1485), “Très bel ex. bien complet, grand de marges, dans une ancienne reliure monastique”, te koop voor vijftienhonderd gulden. Overigens ook één van de hoogtepunt in het net verschenen boek van Mathieu Lommen: “Het boek van het gedrukte boek: een visuele geschiedenis” (Amsterdam, 2011) en afgebeeld in het NRC van 10 februari jl. (boekbespreking van Maartje Somers). Nee..., dat nietje zit niet in het boek!


Met twee catalogi van dezelfde firma, waartussen ongeveer twintig jaar zit is het ook interessant om eens te kijken naar de prijsstijging vóór de Tweede Wereldoorlog.
Zo wordt in de oudste catalogus een exemplaar aangeboden van de Latijnse uitgave van de Apologie van Prins Willem van Oranje uit 1581 (Knuttel 563) voor tien gulden. Datzelfde boekje kostte zo’n twintig jaar later bij Nijhoff vijfenzeventig gulden.
Een Nederlandse editie (Knuttel 558) kostte respectievelijk zeven gulden vijftig cent, later vijftien gulden en een Franse editie (Knuttel 555) had je rond 1915 al voor twaalf gulden en in 1932 voor honderd gulden.
Als we de ‘prijzen van toen’ even omrekenen naar hedendaagse bedragen dan ziet het plaatje er voor de Nederlandse editie als volgt uit:
7,50 gulden (1915) is nu € 60,43
15,00 gulden (1932) is nu € 124,86
Tussen (ca.) 1915 en 1932, verdubbelde de vraagprijs.

Sindsdien zijn tachtig jaar verstreken en is de prijs vertienvoudigd. Wie interesse heeft kan anno 2012 voor € 1250,- euro een exemplaar aanschaffen bij antiquariaat Matthys de Jongh in Zutphen. Voor dat bedrag, in 1915 gelijk aan honderd vijfenveertig ouderwetse guldentjes, had ik graag even willen shoppen bij Martinus Nijhoff!

3 opmerkingen:

  1. Hello!

    Do you know why the figure '4' or anchor symbol was chosen for the Martinus Nijhoff books? Do you know what it means?

    Thanks very much.

    JG

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dear Jordan,

      In antiquity the symbol 4 was dedicated to Mercury, the mythological god of commerce and trade (traders and merchants), born the 4th month of the year. The anchor is the symbol for hope, stability and steadfastness. Wouter Nijhoffs printmark connects closely with the motto of his company: the booktrader who does not abandon hope and is steadfast in his business policy.

      Verwijderen
  2. Thanks so much! And thanks for accommodating me in English!

    BeantwoordenVerwijderen