vrijdag 27 december 2013

Holy Ground

Ever been in Amsterdam?
As in every European city there is much to see. Beautiful old buildings, the historic canals (Amsterdam is one of the cities called ‘Venice of the North’!) lots of museums, history and art. For booklovers there are some great old book shops and flee-markets. People are friendly, and - guess what? - with few exceptions everybody speaks English too!

Especially in the summertime it can be very busy and crowded. For some attractions like the Van Gogh museum or Anne Frank House it really doesn’t make any difference. Summer- or wintertime, there’s always a long queue of waiting visitors.
If you are stuck in one of those and you are tired of waiting, tired of crowded places, tired of seeing too much in a time too short. If you need some time to rest, a place where your mind can get some peace, let me take you to a more silent and forgotten part of the town.


Let’s go to the Oudezijds Achterburgwal and take a look at this old gate, the ‘Oudemanhuispoort’ (‘Old-Man-House-Gate’ or in short ‘The Gate’). The complex behind dates from 1602 was rebuilt several times and originally housed poor old men and women but in 1880 the University of Amsterdam moved in. A century before the corridor along the south façade of the building was turned into a covered passageway (just behind this gate) with eighteen little shops for rent. They were called ‘winkelkasten’ (‘winkel’ = shop and ‘kasten’ = cabinet) because the niches were too little for a shop and too big for a cabinet.

Luxury items were sold here, like jewelry and precious metals. These articles gave the passage for a short time the allure of a grand shopping street. In 1879 the nearby ‘Botermarkt’ (Butter market), now Rembrandt Square (with his bronze statue) was shut down and the book merchants, called ‘book Jews’ because most of them being of Jewish religion, had to move to another place. Many restarted their book business in one of the ‘winkelkasten’ in The Gate.


Undoubtedly the most famous 'book Jew' was Barend Boekman (1869-1942). January 21st. 1939 he celebrated together with his colleagues his seventieth birthday in The Gate, along with his fiftieth anniversary as a book trader there. But happy times in Mokum, the Jewish nickname for Amsterdam, were not to last.
By the end of that year World War II started and in May 1940 Germany occupied the Netherlands. Jews were excluded from Dutch society and it became impossible for Jewish merchants to continue their business. Prosecutions started, daily roundups followed and bounty hunters roamed the city. More than 100.000 Dutch Jews were deported to the German concentration camps and never returned. Among them Barend Boekman and his wife. Both died in the gas chambers of Auschwitz on September 14th. 1942.

A Dutch Jewish bookseller who survived the Second World War was Menno Hertzberger (1897-1982) one of the founding fathers of the International League of Antiquarian Booksellers (ILAB) and the Dutch Association of Antiquarian Booksellers (NVvA).
Ten years after the War ended Hertzberger published a small book, by F.J. Dubiez; “Barend Boekman van de Oudemanhuispoort” (Amsterdam, 1955), to commemorate this colorful person. It is a limited edition of only 100 copies and some years ago I was lucky to find number 73.
It’s by far not the most expensive book in my library, it has no luxury binding and no color illustrations. It’s not fancy at all but still it’s one of my favorites, a wonderful and vivid memory of the 'book Jew' Barend Boekman and his time.


As Dubiez aptly wrote: “With the passing of Boekman and his colleagues from The Gate , something was lost. A specific atmosphere. An atmosphere indispensible for the true book-lover and -collector. It’s something he can’t live without and doesn’t want to miss because he needs it”.

Times changed, peoples changed, almost everything changed.

In my teenage years, the seventies, there were still booksellers in The Gate. Sometimes no less than six or seven of those little shop cabinets were open, and then there was of course the famous shop of Pfann; “In 't Oude Boeckhuys” ('In the Old Bookstore’).


Pfanns’ little shop started in 1924, just outside the passage, in the open part of The Gate near the Oudezijds Achterburgwal (take a look at the illustrations). Founding father of this family of book- and print sellers was Hendrik Daniel Pfann I (1889-1957).

Everybody knew Pfann.
Like Boekman he was a very colorful person, with wild black hair and big mustache, always wearing his long velvet coat, jaunty flambard or black bowler hat. He was a teetotaler, didn’t smoke and wasn’t Jewish either (a novelty in The Gate!) but instead an active member of the Salvation Army. In 1949 Pfann celebrated his silver jubilee in The Gate.
According to Dubiez he was “not only a bookseller but also a passionate collector and an equally large book connoisseur as the old Barend Boekman”. Pfann was the last of his time, the last old book trader in The Gate. “When this last great figure is gone”, Dubiez wrote, “when this last significant bookseller has disappeared from The Gate, a sympathetic and romantic past has come to an end”. That moment finally came in 1981.


Times changed, peoples changed, almost everything changed.

What is left are my memories and black and white postcards from the fifties, sixties and seventies next to some artist impressions by Anton Pieck (1895-1987), one being a ‘Dickens’ fantasy, the other more realistic.

Nowadays The Gate is a somewhat dim and windy passageway. If your lucky there are two or three book niches open (one of them specialized in cookery books). But most of the time it’s just an empty passage for University Law student and some peace seeking tourists like you.

For me it’s a very special place. Here, more than forty years ago, I was infected with Bibliophilia, a ‘Gentle Madness’. It’s also a place full of memories and important in a cultural- and (book) historical sense.

Be silent for a little moment take a deep breath and relax, this is Holy Ground.

vrijdag 20 december 2013

Stoute schoenen



Vlak nadat ik in december 2010 schreef over mijn nieuwe aanwinst; de Chinese (zwarte) editie van het beroemde SHV-jubileumboek van Irma Boom en er wat doorheen bladerde dacht ik bij mijzelf; ‘waarom niet?’.
Waarom niet de stoute schoenen aangetrokken en een e-mail sturen aan Irma Boom’s kantoor in Amsterdam, met de simpele vraag of zij misschien vijf minuten tijd heeft om mijn ‘Black Pearl’ te signeren? Mijn e-mail werd destijds weliswaar positief ontvangen maar het zou er door haar drukke agenda nooit van komen.

Maar gisteren, donderdag 19 december, deed zich een nieuwe kans voor.

Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam organiseerde een namiddag met Irma Boom en Victoria Zaborov. Eerst zou Boom een lezing houden getiteld “The Book as Architecture or Art”. Daarna was er een vraaggesprek met mijn twitter-kennis Victoria Zaborov, die onlangs in Leiden op Irma Boom is gepromoveerd, en vervolgens een signeersessie voor kopers van Boom’s geactualiseerde mini oeuvre catalogus.
Die laatste (genummerd en gesigneerd) had ik al enige tijd terug via Victoria kunnen kopen want die was in Parijs bij de opening van Boom’s overzichtstentoonstelling “L'architecture du livre” (Institut Néerlandais) en had een exemplaartje voor me meegenomen.

Aldus meldde Perkamentus zijn komst, trok zijn stoute schoenen aan, en nam zijn eigen ‘boekie’ mee…

Tijdens de boeiende lezingen bleek al heel gauw dat Irma Boom anders dan Victoria Zaborov haar boeken zeker niet ziet (of wil zien) als ‘Art’. Dat zette een streep door mijn plan om haar te vragen mijn boek te voorzien van de quote “This is a piece of Architecture and Art”. De laatste twee woorden vervielen.


En zo, geachte collega bibliofielen, beschik ik nu over een exemplaar van een bijzonder boek met een door Irma Boom geschreven tekst en handtekening. Ziet u wel?
U hoeft mij niet te e-mailen om toe te geven dat u (natuurlijk 'een klein beetje') jaloers bent want dat weet ik 200% zeker!

vrijdag 6 december 2013

Boekenland


Wie gek is op prachtige gedetailleerde fantasiekaarten moet even kijken op de website van Atelier Martijn Kessler. Als ik nog eens veel geld heb laat ik er een maken van het Nederlandse (oude) boek-landschap. Wordt geen grote kaart, is maar een klein wereldje (en wordt steeds kleiner)”.

Dit was mijn reactie een paar weken geleden bij het Artistiek Bureau van Nick ter Wal op het stukje ‘Keuterland’ waarin hij sprak over zijn voorliefde voor imaginaire kaarten of fictieve cartografie.
Of het toeval is laat ik gaarne over aan het oordeel van mijn lezers maar toen ik afgelopen week Marktplaats afstruinde trof ik een ongekleurde imaginaire kaart aan met een voor boekenliefhebbers wel heel aansprekende titel: “Kaart van Boekenland”.
Door bestudering van de diverse detailfoto’s die bij de advertentie stonden rees bij mij het vermoeden dat het ging om een stukje handwerk. De hoofdletters leken mij gekalligrafeerd en de overige tekst (topografische namen e.d.) ingetypt. Helaas was de korte tekst rechtsonder, waar ik de kunstenaarsnaam en een jaartal vermoedde, niet goed leesbaar. Ik bood tien euro exclusief verzending.

Ondertussen begon ik mijn onderzoek naar de toekomstige aanwinst en typte op Google het trefwoord ‘Boekenland’ in. Tot mijn verbazing vond ik al vrij snel een gekleurde versie van dezelfde kaart in de webshop van Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam “uitgegeven te ’s-Gravenhage tijdens de bezettingsjaren ‘Aangeboden door Boekhandel A. Koens’; naar een Duits voorbeeld uit 1938 door Alfons Woelfle”.


Een reproductie van de kaart kost daar op origineel formaat € 28,95 (zonder lijst) dus teveel had ik voor mijn ingelijste exemplaar zeker niet betaald. Desondanks bekroop mij een gevoel van lichte teleurstelling dat ik kennelijk niet een uniek exemplaar had gekocht.
Dat zou echter iets anders uitpakken.

Door de beschrijving bij de reproductie kwam ik op het spoor van de illustrator en boekkunstenaar Alfons Wölfle (1884-1951) die in 1938 deze “Karte des Bücherlandes” tekende. Over de ontstaansgeschiedenis vond ik het volgende:

"Der 1884 in Freising geborene Alfons Woelfle, bekannt als Buchillustrator, Maler und Mitarbeiter bei der ‘Jugend’ und beim ‘Simplicissimus’, kam im Jahre 1938 ins Haus des Münchener Verlegers Dr. Ernst Heimeran mit einer nachgezeichneten Barockkarte über das Thema ‘Land der Liebe’.

Dr. Heimeran hatte grosse Freude an der Art des Werkes, konnte sich aber nicht entschliessen, die Nachzeichnung einer schon vorhandenen Karte zu veröffentlichen. Im Gespräch mit Woelfle kam er aber auf ein neues, noch nie aufgegriffenes Thema: das Land der Bücher.
Es begann nun, im Wetteifer mit Woelfle, im Verlag ein lustiges Überlegen, und jeder steuerte etwas bei - es ging zu wie bei einer richtigen grossen Familienbastelei.


Zum Schluss war die unterhaltsame, unter Sammlern sehr beliebte Gattung der Phantasiekarten ein neues Gebilde vermehrt, das vollendet in den allen beschwingten Einfällen offenen, humorvollsten und kauzigsten aller deutschen Verlage passte. Im Kernpunkt der 25 x 35 cm messenden handkolorierten Karte liegen die Vereinigten Buchhandelsstaaten mit der Provinz Antiquaria, vor deren Grenzen bedenklich nahe die Schleuderer und Ramscher siedeln. 


Die Hauptstadt heisst Officina, zu deren von Lektoren bemannten Wällen ein sehr schmaler Autorenpfad hinaufführt. Im angegliederten Land Makulaturia ragen die Pyramiden der Ladenhüter hoch in die Luft. Um das Kernland des Buchhandels lagern nacheinander drei Staaten: im Süden das Reich der hohen Poesie, das sinnigerweise den Umriss einer meerumrauschten Leier hat, und vor dem die Flachländer der Massenschreiber und der Rezensenten sich ausdehnen, zum Teil bis in die Republik der Leser mit ihren noch unerforschten Absatzgebieten hinein. Nach Norden folgen die Zonen der materialliefernden Tintenseen und Zellulosewälder, während im Osten die bibliophilen Erlesenheiten als Inseln aus dem Meer der Neuerscheinungen ragen.

Eine kleine Reise durch die assoziationsreichen Landschaften dieser Karte, die spielerisch ‘Geographie’ und Literatur durcheinandermischt, bietet dem Bücherfreund allerlei ergötzliche Überraschungen. Für den Liebhaber der Musik stellte Wolfgang Felten im gleichen Verlag eine ‘Karte des Notenmeeres’ zusammen, während Alfons Woelfle für Heimeran noch eine ‘Karte von Goethes Lebensreise’ zeichnete” (Librarium, Zeitschrift der Schweizerischen Bibliophilen-Gesellschaft, Jrg. 1 (1958), Nr. 2, S. 40 f.).

Toen ik de afbeelding van een origineel Duitse exemplaar nog eens vergeleek met de Nederlandse heruitgave bij Bijzondere Collecties viel het mij plotseling op dat de titelletters in de cartouche anders waren dan bij het exemplaar dat ik via Marktplaats had gekocht.
Dat gold ook voor de topografische namen maar bovendien waren die vaak geheel anders en als het ware geactualiseerd.

Nogmaals raadpleegde ik alle verwijzingen van Google en nu deed ik een opmerkelijke vondst. In Boekblad 1987 (vol. 154, nr. 20, blz. 7) trof ik een boekverkopers column aan “Doe-het-zelf” geschreven door Paul Hogervorst, oud-directeur van boekhandel Broese (Oudegracht 167) te Utrecht, thans Polare. Een e-mail naar Boekblad was voldoende om hiervan een afbeelding te krijgen. Enfin, leest u zelf maar.


En zo ontving Perkamentus toch nog een bijzonder exemplaar (rechtsonder gesigneerd met PPH fec. 1978). Paul moet alleen nog even hier reageren en vertellen aan wie hij de kaart - van Boekenland in 1978 - destijds heeft geschonken.