vrijdag 15 december 2017

Uit de begintijd van het Leger des Heils

Alweer vier jaar geleden zond TV Oost: "Hang naar schoonheid" uit.
Een documentaire (van Olaf Witkamp) over de bevlogenheid, passie en de liefde voor het geschreven en gedrukte woord. Drie totaal verschillende antiquaren over hun handel, de ups- en downs, verleden en toekomst. De erudiete antiquaar Jos Wijnhoven (overleden in 2017), de met de tijd en veranderingen worstelende Pieter van der Meer (gestopt in 2016) en de mistroostige notoire zwartkijker Willem Oving (Mulder Boekenvreugd), 'still going strong'.

Twee weken geleden struinde ik langs Willem's kraam op de Spui boekenmarkt. Zoals altijd bij Willem verkeert zijn boekenstalletje in een constante staat van ontbinding. Chaotisch en rommelig, zo ziet Willem het graag, want hij heeft een bloedhekel aan geordende kramen zoals hij zelf in de documentaire zegt. Vaak zit hij quasi ongeïnteresseerd met een schaakbord voor zijn kraam en soms verkoopt hij wat.
"Maar ehh... boeken verkopen is ehh... net zo makkelijk als ehh... pruimtabak ehh... verkopen", aldus deze antiquaar.
Toch mag ik hem wel. Ik behoor zelf ook niet tot de meest optimistische en vrolijkste mensensoort en een zekere mate van cynische ironie (of is het puur realisme?) kan ik wel lijden.

Op de tafel tussen wat stapeltjes boeken lag ditmaal een hoopje vluchtig drukwerk. Op dun papier gedrukte strooifolders, circulaires, enveloppen en dergelijke uit de begintijd van het Leger des Heils. Oud, soms geïllustreerd (lijnclichés) en vermoedelijk uiterst schaars. Ziedaar drie redenen om uit de stapel een selectie te maken en die voor twee tientjes van Willem over te nemen.
Sommige folders en enveloppen waren op grote bruine vellen geplakt met op de achterzijde een etiket van het Utrechtse leesgezelschap "Van allerlei slag" (1886-1973), zodat meteen duidelijk is door wie en voor wie deze verzameling werd bijeengebracht.

Iedereen kent het Leger des Heils wel maar desondanks geef ik hier een paar feitjes.
Het Leger des Heils werd in Nederland opgericht in 1887. Dat jaar vond de eerste bijeenkomst plaats op 8 mei in de Amsterdamse Gerard Doustraat 69. Nederlands eerste heilsoldaat Gerrit Juriaan Govaars (1866-1954), speelde er viool (en zijn instrument kunt u hier beluisteren). Nederlands bekendste heilsoldaat is vermoedelijk nog steeds Alida, alias 'majoor', Bosshardt (1913-2007).

Het drukwerk dat ik kocht is soms gedateerd en uit de periode 1896-1941. De oudste circulaire, ooit gevouwen en gericht aan ene mevrouw A.C. Moesman, Voorstraat 9 in Utrecht is een uitgave van de Amsterdams afdeling maatschappelijk werk gedateerd 25 december 1896. Deze, in een blauwtint gedrukte en geïllustreerde, uitgave (28.5 cm. hoog en 22 cm. breed) geeft een overzicht van de werkzaamheden en resultaten die zijn bereikt. De illustratie op de voorzijde van de 'Barmhartigheidszusters aan 't werk in een dronkaardshuis' is linksonder op de tafel gesigneerd (JMGC ?) evenals rechtsonder WJG. Nog drie andere illustraties hebben een monogram.
De 'Ziekenverpleging' is (boven de stoel) gesigneerd NB. De overige twee tekeningen; 'Aan 't werk in de Toevlucht' en 'In 't Reddingshuis' zijn beiden aan de rechterzijde voorzien van een onduidelijk monogram.


De circulaire is ondertekend door Arthur S. Booth Clibborn (1855-1939) en zijn vrouw Catherine Booth Clibborn (1858-1855), dochter van de oprichter van het Leger des Heils William Booth (1829-1912). Zij werd ook wel 'de moeder van het Leger des Heils' genoemd.


In de circulaire is sprake van de opening in april (1896) van het volkslogement 'De Metropool'. Dit gebouw bevond zich in de Warmoesstraat (nr. 136) en bood een slaapplaats en een maaltijd aan de allerarmsten van Amsterdam. Het gebouw werd in 1911 gesloopt, om plaats te maken voor de Amsterdamse Effectenbeurs. Het volkslogement verhuisde daarna naar de Spuistraat.


Ik vermoed dat dit inmiddels een uniek exemplaar is, vandaar dat ik deze circulaire bladzijde voor bladzijde weergeef. Voor wie nader onderzoek wil doen; het archief van het leger des Heils (1887-1989) ligt in het Utrechts Archief en het museum van het Leger des Heils bevindt zich in Oudezijds Armsteeg te Amsterdam.

Niet geïllustreerd is een circulaire van het Nationaal Hoofdkwartier in de Damstraat 20 in Amsterdam (waar men vanaf 1901 een verdieping huurde) getiteld 'Maatschappelijke Wrakken. Wat is het geneesmiddel', uit 1904 (27 cm. hoog, 22 cm. breed) die ik met behulp van Delpher kon dateren. De circulaire is ondertekend door commandant Thomas Estill (1859-1926).

Op woensdag 30 juni 1909 organiseerde het Leger des Heils blijkens het bovenstaande tweezijdig bedrukte strooiblad (25 cm. hoog, 16.5 cm. breed) de jaarlijks terugkerende velddag. Aanwezig waren onder meer de commandant William Ridsdel (1844-1931) en zijn echtgenote mevrouw Ridsdel. Van beiden is op de voorzijde een portretfoto afgedrukt. Tevens staat geheel onderaan dat het biljet werd gedrukt in de Electrische Drukkerij van het Leger des Heils in Amsterdam! Die eigen zetterij, drukkerij en styperij (afkorting van stereotyperen; het maken van metalen letterplaten naar het zetsel d.m.v. een papiermatrijs) bestond al in 1894 en zat toen aan het Rapenburg 44 in Amsterdam, waar ook het centraal hoofdkwartier was gevestigd. De lonen waren er destijds overigens erbarmelijk laag, zo lezen we in een artikel uit 'Recht voor allen'.


Een ander eenzijdig bedrukt blad (25.5 cm. hoog, 16.5 cm. breed) werd kennelijk uitgereikt door de collectanten in de 'Week van Gebed en Zelfverloochening 6 tot 20 april 1918'. "Wees zoo goed uw bijdrage te storten in het gesloten busje, dat de kollektant bij zich heeft", staat er links naast de handtekening van de commandant. Het blad is geïllustreerd met zes tekeningen: 'Arme kinderen', 'De armen worden geholpen', 'Gevangenis werk', 'Gevallenen worden gered', 'Onze zendingsarbeid' en 'Hongerigen gevoed'. Gelukkig heeft de illustrator zijn werk linksonder gesigneerd. Het gaat om Coenraad van Velzel (1878-1969), tekenleraar aan de ambachtsschool in Doesburg.

Een dubbelzijdig bedrukte circulaire (28 cm. hoog en 22 cm. breed) toont aan de ene (liggende) zijde de enorme 'helpende hand van het leger'. Op de hand liggen getekende afbeeldingen van: het nationaal hoofdkwartier in Amsterdam (Prins Hendrikkade 49-51), het moederhuis in Rotterdam, het kinderhuis in Naarden, de industriële inrichting in Amsterdam, 'Heilzusters grijpen in', 'Een samenkomst' en 'Slumzusters aan 't werk'. Helaas is deze tekening niet gesigneerd.
Aan de andere (staande) zijde is een informatieve tekst gedrukt met een overzicht van wat in 1922 werd bereikt. Zo werden er ondermeer 729.877 maaltijden verstrekt en 7.538 gevangenen bezocht.


Een enkelzijdig bedrukte circulaire (25 cm. hoog, 16 cm. breed) op blauwkleurig papier uitgegeven in verband met de 'Zelfverloochenings-Aanvrage 1924' toont een oude vrouw die wat kleingeld in een busje stopt dat haar door een jongen wordt voorgehouden. De tekening is niet gesigneerd maar draagt de titel: "Het penningske der weduwe". Op het busje staat 'Zelfverloocheningsweek' maar het oosters geklede jongetje lijkt in niets op een Hollandse Heilsoldaat die zich kan legitimeren met een volmacht (waarnaar nadrukkelijk wordt verwezen in de tekst). Hoogstwaarschijnlijk gaat het dus om een illustratie bij een ander verhaal! Voor de 'Zelfverloochenings-Aanvrage 1910' werd deze afbeelding ook al gebruikt (zo bleek mij uit een exemplaar dat te koop werd aangeboden door antiquariaat Fokas Holthuis).

"Lees de strijdkreet" staat er linksboven op een circulaire gedrukt in een blauwe kleur (28 cm. hoog, 22 cm. breed). Het lijfblad van het Leger des Heils verscheen voor het eerst in 1890 en werd dit jaar omgevormd tot een digitaal platform. De dubbelzijdig bedrukte circulaire met de 'Nationale Aanvrage 1927' verscheen tevens in het jaar van het veertigjarig jubileum. Behalve de foto's van de stichter en zijn dochter, het kinderhuis in Naarden en de industriële inrichting en tehuis voor mannen in Amsterdam werden ook twee tekeningen als illustratie opgenomen (beiden niet gesigneerd). De resultaten van 1926 laten zien dat het aantal verstrekte maaltijden (1.542.993) en bezoeken aan gevangen (14.150) in vier jaar tijd verdubbelden.

Tot slot een ongedateerd dubbelzijdig bedrukt strooiblad met een persoonlijk woord van commandant Bouwe Vlas (1871-1946). In de eerste zin wordt gesproken over de 54 jaren die verstreken zijn en zo is deze circulaire te dateren op 1941. In dat jaar werd het Leger des Heils door de Duitse Rijkscommissaris Seyss-Inquart (1892-1946) geliquideerd.
Op de versozijde staan een aantal tekeningen gemaakt door acteur en beeldend kunstenaar W.(F) Heskes (1891-1973).


Bij de partij die ik van Willem overnam zaten ook verschillende enveloppen en envelopjes in diverse formaten, de kleinste (onderste collage rechtsboven) is slechts 10 cm. breed en 6 cm. hoog. Ze zijn uit het eerste kwart van de twintigste eeuw. De enveloppe met 'Gebroken dijken - Gebroken levens' kon wel eens verwijzen naar de stormvloed van 1916.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten