zaterdag 1 augustus 2015

Curiositeiten van allerlei aard (deel 3)


In het eerste deel van “Curiositeiten van allerlei aard” heb ik wat informatie gegeven over de uitgever van deze serie boekjes, de Amsterdamse firma R.C. Meijer, c.q. R.C. d‘Ablaing van Giessenburg (1826-1904).
Deel twee ging over de verschijningsvorm van de serie en de opbouw van de verzamelbundels, die vaak aanleiding geeft tot verwarring. In dit derde en laatste deel wil ik proberen een indruk te geven van de inhoud van de boekjes (ook al heb ik de serie niet compleet).

Bewijzen kan ik het niet, maar volgens mij moet d’Ablaing geïnspireerd zijn geweest door een Frans voorbeeld dat nog geen dertig jaar tevoren was verschenen onder de titel: “Bibliothèque de Poche. Variétés curieuses et amusantes des sciences, des lettres et des arts” (Paris, 1845-1855).
De opzet daarvan is vrijwel identiek aan “Curiositeiten van allerlei aard” en het zou me dan ook niet verbazen als er ook inhoudelijke overeenkomsten zijn


Dankzij Van Nuys weten we dat d’Ablaing zelf al vroeg was begonnen met verzamelen van anekdotes. Daarnaast ontving d’Ablaing bijdragen van derden zoals Van Nuys evenals van de ‘avontuurlijke’ – en spoorloos verdwenen - journalist C.N.A. Strik van Ratingen (1849-1899?). Ook waren er ingezonden bijdragen van lezers die gehoor gaven aan d’Ablaings oproep daartoe.
Het gros van de bijdragen echter werd overgenomen uit allerlei kranten, periodieken en boeken. Een enkele bijdrage is in een andere taal.
d’Ablaings uitgave is feitelijk een hele grote verzameling anekdoten of ‘petites histoires’ uit de Europese geschiedenis met de nadruk op Frankrijk en Engeland. Dat blijkt vooral uit de boekjes waarin historische personen worden belicht zoals in:

Geheimzinnige Personen” (“Curiositeiten van allerlei aard”, nr. 8/9) met :

- De Graaf van Moret (Anthonie de Bourbon-Bueil Graaf van Moret, 1607-1632),
- De geheimzinnige bewoners van het kasteel van Eishausen (over de ‘Dunkelgraf‘ en ‘Dunkelgräfin‘),
- Brisacier (beweerde een buitenechtelijk zoon te zijn van de Poolse Koning Jan III Sobieski, 1629-1696),
- Kaspar Hauser (1812-1833),
- Ridder d’Eon (Charles-Geneviève-Louis-Auguste-André-Timothée d'Eon de Beaumont, 1728-1810).

En: “Rare Snaken” (“Curiositeiten van allerlei aard”, nr. 32/33) met:

- De markies De Brunoy (Jean Pâris de Monmartel, 1690-1766),
- Mr. Stukeley (William Stukeley, 1687-1765),
- Mr. Tallis (John Tallis, ca. 1676-na 1753),
- Mylord Arsouille (Lord Henry Seymour, 1805-1859),
- Rosambeau (Louis Antoine Minet de Rosambeau, 1779-1843).

Kennelijk vond d’Ablaing geen geheimzinnige personen of rare snaken van Nederlandse makelij!
Dwergen daarentegen wel. Zowel Simon Jane Paap (1789-1828) als Jan Hannema
(1839-1878) alias admiraal Tom Pouce komen we tegen in: “Dwergen” (“Curiositeiten van allerlei aard”, nr. 35/36). Daarnaast vertelt hij over ‘Klein Jannetje’ uit Waddinxveen gehuwd met ‘Lange Jacob’ uit Sneek (J. Kok: “Vaderlandsch Woordenboek”deel 29, blz. 204), Wybrand Lolkes (1733-1801), Kasper Ludwig en Wilhelmus Hozemans uit Oisterwijk (over de laatste twee vond ik geen nadere informatie).


In “Hofnarren” (“Curiositeiten van allerlei aard”, nr. 41/42) gaat het vooral over de narren aan het Franse, Engelse en Russische hof. Slechts een halve bladzijde (85) is gereserveerd voor de nar van Prins Maurits (1567-1625) met een bronverwijzing naar de boeken van Friedrich Nick: “Die Hof- und Volks-Narren, sammt den närrischen Lustbarkeiten der verschiedenen Stände aller Völker und Zeiten. Aus Flögels Schriften und andern Quellen”. Stuttgart, 1861, 2 delen, deel 1, blz. 488).

d’Ablaings’ negentiende eeuw is in de serie ruim vertegenwoordigd. Aardig is het deeltje “Oud Nieuws” (“Curiositeiten van allerlei aard”, nr. 43/44). Daarin komen verschillende ‘moderne’ uitvindingen aan de orde die soms al eeuwen oud zijn.
Zo lezen we verhaaltjes over: Luchtdruk als bewegingskracht, Stoomkracht, Rader- en schroefboten, Stoomboten, Het Kompas, Spoorwegen, Gemacadamiseerde wegen, Bruggen, Wagens door werktuigen in beweging te brengen, Stoomwagens, Wegmeters (Odometers), Luchtballons, De Parachute, Duikerklokken en –kleeding, De Scaphander, Gas tot luchtverversching, Tunnels onder water, De electriciteit, De Bliksemafleider, De Electrische Telegraaf, De Electrische Verlichting, De Gasverlichting, Petroleumverlichting, Asphalt als bouwmateriaal, Vergrootglazen, Verrekijkers, De Stereoskoop, Spreekbuizen, Mijnwezen.


Het gaat te ver om alle boekjes tot in detail te fileren dus tot slot nog wat losse curieuze waarnemingen.
Geen van boekjes is geïllustreerd. Enigszins figuratief is de bijdrage “Letterkundige kunststukjes – Poezie” (“Curiositeiten van allerlei aard”, nr. 18/19) met versjes in het Frans en Nederlands in de vorm van wijnflessen, wijnglazen en een palmboom!
In nummer 3: “Curieuse documenten” staat een bijdrage (“Een vreemdsoortig huwelijkskontrakt”) per abuis twee keer (blz. 16 en 42).
In nummer 10: “Flaters in en over boeken” (blz. 4-6) gaat d’Ablaing in op de identiteit van ‘Fancy’ in de door hem zelf uitgegeven: “Minnebrieven” (Amsterdam, 1866) van Multatuli.


In “Zonderlinge testamenten” (nr. 11) ontbreekt een verwijzing naar het zonderlinge testament van Franse dorpspastoor Jean Meslier (1664-1729). De beste en antiquarisch meest gezochte uitgave daarvan - in drie delen - werd door d’Ablaing zelf uitgegeven onder de titel: “Le Testament de Jean Meslier” (Amsterdam, 1860-1864).
Met deze uitgave wordt op de achterkant van boekje nummer 14 geadverteerd.
Nummer 27: “Grote gevolgen van kleine oorzaken” is het enige deeltje (van de exemplaren die ik bezit) met een inhoudsopgave.

Naschrift

Hoe is de stand van zaken (augustus 2025) in mijn bibliotheek?
Welnu, momenteel heb ik 29 van de 32 genummerde boekjes (themanummers) in hun originele omslag en zoek ik daarvan nog de volgende drie nummers: 2, 15, en 29/30.
Van de verzamelbundels heb ik er 24 van de 26 in originele omslag. Ik zoek nog de volgende twee aflevering: 1 augustus 1874 en 1 september 1874.

Ter vergelijking; bij medebibliofiel Ed Schilders stonden 27 boekjes en 4 verzamelbundels. 'Stonden' want ik nam er verschillende uit zijn bibliotheek over... Andere mede-verzamelaars van deze serie waren mij in eerste instantie niet bekend, maar inmiddels weet ik dat de beheerder van 'Democritus' en Atte Jongstra ook liefhebbers/verzamelaars hiervan zijn. Mijn jacht is voorlopig nog niet ten einde!