vrijdag 16 oktober 2026

Vijf schendstukken


Dit is niet mijn eerste blog over enkele bijzondere handschriften in mijn collectie. Eerder besprak ik een cultuurhistorisch gedicht over een Zaans streekproduct (Duivekater!) en een handgeschreven zilveren huwelijksgedicht voor een uitgever van enkele bekende natuurhistorische prachtuitgaven (Sepp!). In dit derde blog verschuift de aandacht naar literaire straatcultuur: vijf kladjes van divers formaat, volgekrabbeld door anonieme (meest) 18de eeuwers met verwijzingen naar toenmalige politieke gebeurtenissen en historische figuren.

Deze documenten kwamen niet los aanwaaien. Ze waren samengevoegd in een vroeg-negentiende-eeuwse papieren omslag met de handgeschreven titel: "Schendstukken, enz. 18e eeuw". Rechtsboven op het omslag staat doorgekrast "Van Vredenburch No. 1190".
Het gaat om vijf schotschriften (paskwillen) die waarschijnlijk afkomstig zijn uit het familiearchief Van Vredenburch, dat thans in het Nationaal Archief in Den Haag wordt bewaard (Archiefnummer 3.20.61.02). Mogelijk zijn ze verzameld door Jacob van Vredenburch (1744-1814), die destijds verschillende bestuursfuncties bekleedde in Delft.

Anonieme hekelschriften, schunnige liedjes en spottende gedichten circuleerden mondeling vaak al lang en breed, voordat ze werden opgeschreven en gedrukt. Geen van deze vijf teksten heeft echter de drukpers gezien om als eenbladsdruk of pamflet te worden vereeuwigd. Naar welke historische context ze precies verwijzen is voor de lezer anno 2026 niet altijd meteen duidelijk, desondanks kon ik ze (de laatste met enige moeite) koppelen aan specifieke historische gebeurtenissen of personen.

A. 1787 (Pruisische inval). Dubbelzijdig beschreven papiertje (10 cm. x 12.5 cm.) Frans/Nederlands.

"Couplet a L'occasion de la deliverance de la Hollande

Ci git Madame la Cabale
Originaire de Paris
Qui d'une main folle & Brutalle,
Vendoit la Hollande a Louis;
Quoique nourri de fleurs d'Orange
Un petit Saumoneau du Rhin,
Ingrat, soutenoit ce dessin
Se gontlant d'orgueil dans la Fange
Lorsqu'un Aigle, brillant, grand, valeureux & fort,
D'un coup d'aile en passant sur lui donner la mort.


Grafschrift op Mevrouw de Patriotische Cabaal.

Hier legt Mevrouw Cabaal begraaven
Geboortig van Parijs
Zij gav, verblindt, door Fransche gaaven
Het land aan Lodewijk ten prijs.
Gevoed door malsche oranje vrugte
Wou 't lelijk Salmpje van de Rhijn
Ondankbaar meede het land doen zuchten,
om deelgenoot des roofs te zijn
Een adelaar, geducht, verheven,
Red Nederlands Staat in deeze Noot
Hij doet al t roofgedierte beeven
En slaat met eene wiek Mevrouw & 't Salmpje dood."

Hier wordt duidelijk gespot met de Patriottenkliek ("Mevrouw de Patriotische Cabaal") en de Rijngraaf van Salm die na de inval van Pruisische troepen ("Een adelaar") de wijk namen. Het moet in die tijd vrij populair zijn geweest want dit "dichtstukje in 't Fransch opgesteld, 
(-) geheel niet zacht, maar niet geheel ongeestig" wordt op diverse plekken aangehaald, zoals in de "Nieuwe Nederlandse Jaarboeken" (Leiden/Amsterdam 1787, blz. 5151/5152) en de "Geldersche Historische Courant" (9 oktober 1787). Tekstueel komt het daar vrijwel overeen met mijn handgeschreven exemplaar, behalve dat de Franse titel in beide luidt: "Epitaphe sur la Cabale Patriotique".

B. 1788. Enkelzijdig beschreven papier (19 cm. x 11.5 cm.).

"Op woensdag den 4 8ber 1788

Zal men ten voordeele van alle vreemde Jakhalsen, die tot
hier toe door het Hof met geene exemplaren zijn gebeneficeert
vertoonen

Den dollen Engelsman

In de dikke en onbeschofte gedaante van Monsr. van Rhoon, verzaker
van Neerlandsch interese ten voordeele van onze Roofzuchtige
en ontaarde Nabuuren, der martelingen en Pseudo-Patriotten

Treur-houdend Blijspel

Na het selven

Schijtebroekje

Of den angst ten toone".

In de stijl van een theateraankondiging wordt hier de spot gedreven met Willem Gustaaf Frederik rijksgraaf Bentinck van Rhoon (1762–1835). Stadhouder Willem V had hem eind 1787 aangesteld als commissaris om de stadsregeringen van de achttien stemhebbende steden in Holland te zuiveren van patriotten en vijanden van Oranje. De jonge Bentinck maakte zich al gauw impopulair want hij bleek over weinig tact en politiek talent te beschikken. In 1795 zou naar Londen vluchten, omdat hij zich als aanhanger van stadhouder Willem V niet veilig voelde onder de Franse bezetting.

C. 1794 (Haagsche Courant). Enkelzijdig beschreven papiertje (8 cm. x 7.5).

"Dat gerabraakte rijm-pasquil luid aldus:

Esopes prediker op den stoel
Gij maakt het volk maar aan 't gewoel
En preekt teveel van regeringssaken
Die u, nog uw dienst niet raken
O kwant, wel o grote gek
'T was beter dat gij hielt de bek
En dat gij uit 't land wierd gejaagt
Met al die uw gevleij behaagt
Tenminste dat gij waart o kwant
Waart gebannen uit de Haagsche Courant

U H.E. gelieft het te verbranden. Hiertegen is weder een ander uitgestroit dog dat heb ik nog niet gelesen".

Briefje van een verklikker die een opruiend rijmpje doorgeeft over de Haagsche Courant, uitgegeven door Pierre Gosse (1718-1794).

D. 1795 (Eed op de rechten van de Mens en de Burger). Enkelzijdig beschreven papier 
(17 cm. x 17 cm.).


"Aan de tegenwoordige Eeddoenders

T'is waar gij agt den Eed geen overdenking waard
En zweert zo dikwils men u eeden voor wil leggen
Zoo slegts uw vuil belang waarop gij hongerig staart
Voldaan word; zal men u God helpt mij hoore zeggen
Maar 't edelmoedig hart u vreemd, u onbekent
Veragte Slaav van 't goud, verbreeker van uw pligten
Beeft voor dien Schurken eed die gij ten hemel zend
Uit eerbied voor dien God die u en hem zal rigten
Hij word om zuivre deugd den raadzaal uitgeweert
Zoo ampteloos weggejaagt. Gij kunt om ondeugd blijven
Gij blijft veragte ziel omdat gij valschelijk zweert
Omdat gij waare deugd een misdaad aan kunt wrijven
Maar God die alles weet die al uw valscheid ziet
Die uw verdrukking kent, die  't rookend bloed zal wreeken
Van den barbaer gestort.- Die ondeugd ondeugd liet
zal een vervolgde deugd ten laatste door doen breeken".

Bij de vestiging van de Bataafse Republiek in 1795 moesten zittende bestuurders en ambtenaren een eed van trouw zweren aan het nieuwe regime en de "Rechten van de Mens en de Burger". Veel Orangisten weigerden dit uit principe, terwijl anderen de eed uit eigenbelang of onder dwang toch aflegden. Het gedicht beschrijft hoe integere bestuurders (de Orangisten) de raadzaal werden uitgezet omdat ze weigerden de nieuwe eed te zweren, terwijl opportunisten ("Eeddoenders") bleven zitten door "valschelijk" te zweren. 

E. Dubbelzijdig beschreven papier (16 cm. x 19.5 cm.). Vrede van Rijswijk (1697)?

"Wierp eens de Tweedragt, niet genodigt bij de Goon,
Een gouden Appel in de Saal der Hemelingen,
Waar door d' onenigheid in 't Vreepaleis kwam dringen
Met Nijd haar boezemvriend en Haat haar echten Zoon,
Die Furie sluipt ook in den Raad van Sions Boon
Die op de Vree-Basuin van vrede moeten zingen
Dat ondier weeren en door Liefde-wetten dwingen
Op dat in kerk en Staat de goude vrede woon
Zo werpt een Appel in de Hoge Tempel Choren

Van Tweedragt, die den vree Jerusalems zal storen,
de zaal doen daveren van haat en bitsen nijd
Was ouds die Appel het verderf van 't bloejend Trojen
Laat tweedragt Salem, ik bid, niet 't onderst boven gojen
Verkies een Vree gezant, den Vrede toegewijd".


Dit handschrift is een buitenbeentje want het lijkt mij paleografisch zeventiende eeuws en is dus veel ouder dan de andere besproken stukken uit het mapje. 
Naar welke vredesonderhandelingen wordt hier verwezen? Na wat puzzelen lijkt mij dat de Vrede van Rijswijk (1697) de meest aannemelijke kandidaat is. Die vrede moest een einde maken aan de Negenjarige Oorlog. De vredesonderhandelingen vonden plaats in het Huis ter Nieuwburg in Rijswijk, een zomerpaleis, gebouwd in opdracht van Frederik Hendrik van Oranje (1584-1647), dat speciaal daarvoor werd verbouwd tot 'Vreepaleis'.
Tijdens de onderhandelingen was er felle interne verdeeldheid in de Republiek tussen de staatsgezinden (die snel vrede wilden) en stadhouder Willem III (die de oorlog tegen de Franse koning Lodewijk XIV wilde voortzetten). De oproep aan het eind is dan ook een rechtstreeks politiek pleidooi om diplomaten te kiezen die wél voorstander van de vrede zijn.

Vijf onooglijke papieren briefjes, bijeengehouden in een negentiende-eeuwse omslag. 
Ze brengen de geschiedenis tastbaar dichtbij en bewijzen dat politieke polarisatie en de behoefte om anoniem stoom af te blazen van alle tijden zijn. De waan van de dag vervliegt, maar de neergekrabbelde spot van naamloze tijdgenoten blijft eeuwenlang tastbaar.

vrijdag 2 oktober 2026

Het jaar geboekt, september 2026

In 'Het jaar geboekt, [maand en jaar]' houd ik bij wat ik gedurende een maand bij elkaar verzamel inclusief 'de cijfers', soms met toelichting en/of opmerkingen. Ik begon hiermee in 2018, aanvankelijk als aparte rubriek (onder een eigen tabblad). Met ingang van 2024 publiceer ik mijn maandoverzichten direct op de 'homepage'. Na afloop van het jaar geef ik een totaaloverzicht in '[Jaar] geboekt. Een jaar in feiten en cijfers'.

September 2026; de cijfers...

Totaal aantal objecten: 10.

Gekocht: 10.
Gekregen: 1.

Totaal uitgegeven: € 576,90 euro (incl. verzendkosten).
Gedeeld door 10 is gemiddeld: € 57,69 euro per object.

Via kringloopwinkel: 2 (3, 4).
Via (online) antiquariaat: 3 (1, 6, 7).
Via boekenmarkt: 4 (8, 9, 10, 11).
Via Boekwinkeltjes: 1 (2).

Modern: 2 (3, 5).
Marge & klein bibliofiel drukwerk: 1 (4).
Old & rare: 8 (1, 2, 6, 7, 8, 9, 10, 11).

September 2026: de aanwinsten...

1. G.W.H. Panchaud: "Amsterdam geschetst in historisch-romantische Tafereelen van af het begin zijner opkomst tot op den tegenwoordigen tijd" (Amsterdam, 1869-1871). Vier deeltjes in twee groene halflinnen banden. Ex-libris J.W. Six (in de veilingcatalogus, zie nr. 2 terug te vinden in deel 1, kavel 1041, blz. 164).
Gekocht bij antiquariaat De Slegte in Leiden voor € 195,- euro.


2. "Bibliothèque de M.- J.W. Six de Vromade. Premiere partie" (La Haye, 1925) samengebonden met "Bibliothèque de M.- J.W. Six de Vromade. Seconde partie" (La Haye, 1926). Veilingcatalogus, twee delen (366 blz. en 320 blz.), gebonden in half kunstleren rode band met linnen bekleedde platten. Catalogus van de belangrijkste Nederlandse boekenveiling van de eerste helft en mogelijk zelfs van de gehele twintigste eeuw. Zie voor een analyse van de veiling: P. Pruimers: "De veilingen van de bibliotheek Six van Vromade" (In: "Eenmaal, andermaal!. Boekveilingen van enkele bijzondere Nederlandse collecties in de twintigste en vroeg-eenentwintigste eeuw" (Amsterdam, 2021. Jubileumboek bij het twintigjarig bestaan van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen). Overigens bezit ik drie boeken die blijkens het bekende ex-libris deel uitmaakten van deze bibliotheek. Gekocht via Boekwinkeltjes bij antiquariaat Hortus Conclusus voor € 45,- euro.


De nummers 3 en 4 kocht ik in mijn kringloop voor bij elkaar € 8,- euro.

3. E. Sanders: "'Jood', de vergeten geschiedenis van een beladen woord" (Zutphen, 2024). Exemplaar door de auteur gesigneerd en gedateerd (22/9/24). 


4. J. Breuker: "dat hebben we niet afgesproken" (Haarlem/'s-Gravenhage, 2020). Bibliofiele uitgave in beperkte oplage van De Althaeapers in Den Haag. Mijn exemplaar is nummer 57 van de 80 en gesigneerd door de tekenaar. Zie "Bibliografie De Althaea Pers", deel 7, nr. 275.


5. E. Kwakkel: "Die Dietsche boeke die ons toebehoeren. De Kartuizers van Herne en de productie van Middelnederlandse handschriften in de regio Brussel (1350-1400)" (Leuven, 2002). Proefschrift van de (in de wereld van de Middeleeuwse handschriften) bekende Leidse Scaliger hoogleraar Erik Kwakkel (met als losse bijlage de stellingen). Gekregen van de Universiteit Leiden.


Bij de "Galerie für gegenständliche Kunst" in Kirchheim unter Teck (Duitsland) kocht ik voor € 158,90 euro (incl. verzendkosten) twee vooroorlogse uitgaven van Hans F.K. Günther (1891-1968). Van hem had ik al: "Rassenkunde des Jüdischen Volkes" (zie mijn aanwinstenoverzicht van juli 2026, nummer 2).

6. H.F.K. Günter: "Rassenkunde Europas" (München, 1929). Met originele stofomslag.

7. H.F.K. Günther: "Rassenkunde des deutschen Volkes" (München, 1934). Met (kleurenkopie) stofomslag. Hiervan verscheen ook een beknopte versie onder de titel: "Kleine Rassenkunde des Deutchen Volkes".


Op de Amsterdamse Spui boekenmarkt kocht ik deze maand de volgende nummers (8, 9, 10 en 11). voor in totaal € 170,- euro.

8.  Th.P. Strijker: "1853-1953. Toespraak gehouden door Th.P. Strijker op 2 januari 1953, ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan der N.V. Martinus Nijhoff's boekhandel en uitgeversmaatschappij" (z.p. [Den Haag], z.j. [1953]). Presentexemplaar van de auteur met op de titelpagina in handschrift: "Aan de heer W. Nijhoff Pzn bij een mijlpaal in de geschiedenis van het geslacht Nijhoff. Th.P. Strijkers". Th.P. (Theo) Strijker was jarenlang de personeelschef (hoofd personeelszaken) bij Martinus Nijhoff N.V.


9. "Beknopte letterproef machineletter" (z.p. ['s-Gravenhage], januari 1952). Letterproef van N.V. Drukkerij Trio in Den Haag met los inlegvel 'monotype ornamenten', corps 6 en 8.
Mijn laatste letterproef van Trio kocht ik op de Deventer boekenmarkt in 2025. Over de 'Typografische Kruidtuin' (evenals: 'Monumenten der boekdrukkunst' en 'Curiosa Typografica') van Trio schreef ik al eerder in 2018 hier. Ook De Boekensneuper schreef over drukkerij/uitgeverij Trio in: "368. Van Trio aan zijn zakenvrienden"


10. M.L. van Gorkom: "Beknoopt denkbeeld van oud Nederland beginnende met de Cimbersche Diluvie..." (Brussel, 1789). Presentexemplaar van de auteur met ex-libris 'Bibliotheque de Th. de Jonghe' (1801-1860), gebonden in een fraaie halfleren band.


11. Constant (Louis Constant Wairy, 1778–1845): "Gedenkschriften van Constant, eersten kamerdienaar des keizers, aangaande het huiselijk leven van Napoleon, zijn huisgezin en zijn hofstaat" (Amsterdam, 1830-1832). Curieus en antiquarisch zeldzame Nederlandse vertaling van: "Mémoires de Constant, premier valet de chambre de l'empereur, sur la vie privée de Napoléon, sa famille et sa cour" (Paris, 1830). Gebruik makend van de aantekeningen van Constant maakte een heel team van 'ghostwriters' (waaronder Charles-Maxime de Villemarest) een smakelijk verhaal! Historisch niet altijd even betrouwbaar dus, maar wel waar het gaat om de basale feiten met betrekking tot de dagelijkse routine van de keizer, zoals zijn extreme badgewoonten, zijn kledingvoorkeuren, zijn humeurwisselingen, de inrichting van zijn kamers en hoe hij zijn personeel behandelde. Deze details komen rechtstreeks uit de herinneringen van Constant en worden door andere bronnen bevestigd. Juist die zaken interesseren mij - eerlijk gezegd - het meest!
Zes delen in drie banden. De complete set kostte in 1833 maar liefst ƒ 14,80 gulden! Voor de gemiddelde arbeider die destijds één gulden per dag verdiende onbetaalbaar. In de jaren rond 1850 werd het restant verramsjt.